Menu

De hypothese van de zonnenevel

04/12/2018 - Hypothese, Stelsels, Sterren, Zon
De hypothese van de zonnenevel

De hypothese van de zonnenevel wordt door astronomen het meest aanvaard als verklaring van het ontstaan van ons zonnestelsel. Kort gezegd: ons zonnestelsel is ontstaan uit een enorme moleculaire wolk. Een klein deel van die wolk stortte in onder invloed van de zwaartekracht. Het merendeel van de ingestorte massa concentreerde zich in het centrum en vormde zo de zon. De rest vormde zich tot een protoplanetaire schijf waaruit dan de hemellichamen zijn ontstaan. Door planetoïden en kometen te bestuderen kan men ongeveer bepalen hoe oud ons zonnestelsel is: 4,567 miljard jaar.

Geschiedenis
De hypothese van de zonnenevel stelt voor dat het zonnestelsel is ontstaan uit een grote moleculaire wolk. De instorting van een deel van die wolk leidde tot de formatie van verschillende fragmenten van verschillende groten. Een van deze fragmenten leidde tot het ontstaan van het zonnestelsel. Die fragment bestond grotendeels (98%) uit een nevel van waterstof, helium en lithium. De overige 2% bestond uit zwaardere elementen.

Deze hypothese suggereert dat de zon is ontstaan door een schokgolf van een of meerdere supernova’s. Dit verklaard ook dat naast de zon gelijktijdig andere sterren ontstonden. Verder zorgden ondermeer zwaartekracht, magnetische velden, gasdruk en rotatie voor een protoplanetaire schijf die in de loop van 100.000 jaar werd platgedrukt. Tevens ontstond ook zo een hete, dichte protoster in het midden. De planeten zijn vervolgens ontstaan uit de schijfvormige wolk van stof en gas die naar het ontstaan van de zon is overgebleven; de zonnenevel.

De binnenste regio (binnen 4 AU van de zon) van het zonnestelsel was te heet voor gasmoleculen om te condenseren, daarom ontstonden er in die regio planeten gemaakt van dichtere materialen, zoals metalen. Die planeten worden Aardse planeten genoemd. Het materiaal van deze planeten was zeldzaam in het universum. Daardoor konden die planeten dus niet al te groot worden. Verder in het zonnestelsel zijn dan de gasreuzen geboren.

Toekomst
Volgens wetenschappers zal het zonnestelsel zoals het nu bestaan niet radicaal gaan veranderen. In de verre toekomst zullen de waterstofmoleculen in de kern van de zon zijn omgezet naar helium en zal de zon een “rode reus” worden. Het zonnestelsel zoals het nu bestaat is stabiel, in de zin van dat planeten en manen niet met elkaar in botsing kunnen komen. Binnen enkele miljarden jaren is een botsing tussen de Aarde en Mars, en tussen Mercurius en Venus wel mogelijk.

Op lange termijn zal de zon een grote invloed hebben op de evolutie van het zonnestelsel. De energie uitstoot van de zon stijgt per miljard jaar met 10%. De zon zal voor een sterke opwarming van de Aarde zorgen waardoor al het water verdampt en leven niet meer mogelijk zal zijn. Mercurius en Venus zullen worden opgeslokt als de zon in een rode reus veranderd. Uiteindelijk zal de zon haar buitenste lagen afstoten en zo een planetaire nevel vormen. De zon zelf zal dan een witte dwerg zijn. De massa van de zon zal zodanig afnemen waardoor de zwaartekracht verminderd en alle planeten en objecten langzaam zich van de zon zullen verwijderen.

Botsing met Andromeda
De Melkweg, waarin ons zonnestelsel zich bevind, zal in de toekomst (over zo’n 4 miljard jaar) een botsing maken met het Andromedastelsel, een naburig sterrenstelsel met dezelfde vorm als de Melkweg, alleen groter. Omdat de buitenste armen van de Melkweg voornamelijk uit lege ruimte bestaat, zullen er naar verwachting weinig directe botsingen gebeuren tussen sterren. Vermoedelijk zullen de twee sterrenstelsels samensmelten. Bij die samensmelting zal de onderlinge zwaartekracht tussen de planeten en sterren verstoord worden, en zullen de planeten en de zon in het rond worden geslingerd.