Menu

Sporen van regenwouden op Antarctica

12/04/2020 - Aarde
Sporen van regenwouden op Antarctica

Wetenschappers zijn door middel van simulaties tot de verrassende ontdekkingen gekomen dat er zo’n 90 miljoen jaar geleden op Antarctica, dat nu bedekt is met ijs, heuse regenwouden voorkwamen. Een opvallende ontdekking aangezien tijdens het Krijt (115 miljoen jaar tot 80 miljoen jaar geleden) het continent zich reeds op de zuidpool bevond.

Het bewijs voor Antarctische wouden komt voort van een sedimentkern die tijdens boringen op de zeebodem nabij West-Antarctica naar boven zijn gehaald. In dit sedimentmonster werd een schat aan plantenpollen en verwikkelde wortels teruggevonden. Daarnaast werden er ook sporen van stuifmeel en planten gevonden. Deze plantenresten bevestigen dat de kust van West-Antarctica in de periode tussen 93 en 83 miljoen jaar geleden een drassig landschap vormde waarin gematigde regenwouden voorkwamen. 

Toch is er enige verwarring hoe het kan dat er regenwouden kunnen bestaan hebben op een plaats die nu ijskoud is en waar het elk jaar minstens drie maanden pikdonker is. Dit suggereert dat het klimaat destijds uitzonderlijk warmen vochtig moet geweest zijn. Wetenschappers hebben aan de hand van de gevonden ontdekkingen een voorstelling gereconstrueerd met de klimatologische omstandigheden die destijds heersten. Daarvoor hebben ze de temperatuur- en neerslagindicatoren in de gevonden bodemmonsters geanalyseerd. Wat blijkt is dat 90 miljoen jaar geleden er een gematigd klimaat heerste op slechts 900 kilometer afstand van de zuidpool. De jaarlijkse gemiddelde luchttemperatuur was destijds zo’n 12 graden Celsius. In de zomer lag de gemiddelde temperatuur op 19 graden en het water van rivieren kon gemakkelijk 20 graden bereiken. De hoeveelheid regen die destijds uit de lucht viel is vergelijkbaar met de gemiddelde neerslag in het huidige Wales.

De bevindingen suggereren dat er destijds op Antarctica een dichte vegetatie was, er geen ijskappen in het zuidpoolgebied bestonden en de hoeveelheid atmosferische CO2 veel hoger lag dan men tot nu toe dacht. Bij eerdere bevindingen werd gedacht dat tijdens het Krijt de wereldwijde CO2-concentratie rond de 1000 ppm lag. Maar deze simulaties tonen aan dat er niveaus van 1120 tot 1680 ppm nodig moesten zijn om de aangetoonde temperaturen te behalen. Ook tijdens het Krijt kon het gemakkelijk 3 maanden na elkaar pikdonker zijn, maar door de hoge CO2-concentratie was het klimaat rond het zuidpoolgebied gematigd waardoor planten en bomen toch konden groeien, ook zonder zonlicht.

Wetenschappers houden zich nu bezig met het raadsel wat er voor gezorgd heeft dat een plaats waar een gematigd klimaat heerste zo drastisch is afgekoeld en er ijskappen gevormd werden.

Bron: Alfred-Wegener-Institute
Afbeelding: Alfred-Wegener-Institut, James McKay under Creative Commons licence C-BY 4.0“.