Menu

Tegendraadse winden over het hart van Pluto

07/06/2020 - Pluto
Tegendraadse winden over het hart van Pluto

Uit computersimulaties blijkt dat de atmosfeer van Pluto boven de evenaar overwegend in de westwaartse richting waait, tegen de aswenteling van de planeet in. De dichtheid van Pluto’s atmosfeer bedraagt een honderdduizendste van die op aarde. De atmosfeer van Pluto bestaat, net als die van de aarde, uit stikstof, koolmonoxide en methaan, alleen de hoeveelheden zijn kleiner. Dezelfde elementen komen voor aan de oppervlakte van Pluto, in bevroren vorm. 

De rotatieperiode van Pluto bedraagt zes dagen. Wanneer het dag is, veranderd het ijs in damp. Bij nacht bevriest de damp terug en valt neer op het oppervlak. Deze cyclus is het krachtigste in de Tombaugh Regio, een hartvormig gebied van zo’n 1600 kilometer diameter dat vernoemd is naar de ontdekker van Pluto. Het grootste deel van deze regio bestaat uit een duizend kilometer grote ijslaag dat in een drie kilometer diepe bekken ligt. Dit gebied drijft de stikstofcyclus aan en wordt daarom het “kloppend hart van Pluto” genoemd.

Volgens de modellen zijn de tegendraadse winden op Pluto het gevolg van dat het stikstof vooral in het noordelijke deel van de regio verdampt en in het zuidelijke deel opnieuw neerslaat. Dit veroorzaakt een koude luchtstroom over het gebied die van noord naar zuid waait. Deze luchtstroom wordt door de aswenteling van Pluto en de plaatselijke topografie in de westelijke richting afgebogen. De tegendraadse winden zijn ook mogelijk de oorzaak in het ontstaan van de verschillen in helderheid en samenstelling van het ijs op Pluto.

De tegendraadse winden zijn een uniek verschijnsel in het zonnestelsel. De enige plaatst waar zulke winden nog voorkomen is Triton, de grootste maan van Neptunus.