Menu

Herkomst van kometen

01/05/2018 - Kometen

Op meer dan duizend keer de afstand zon-Pluto zou een zone liggen met miljarden komeetkernen. De Nederlandse astronoom Jan Hendrik Oort (1900-1992) heeft deze “wolk” in 1950 theoretisch beschreven zonder hem gezien te hebben, vandaar de naam Oortwolk. De Oortwolk is waarschijnlijk een restant van het ontstaan van het zonnestelsel. Daarom is onderzoek naar kometen van groot belang. Het zou uitsluitsel kunnen geven over het begin van de ons bekende planeten. De Oortwolk ligt in het gravitatieveld van de zon. Af en toe breekt een kern uit de wolk en komt dan in de planeetbanen terecht. Dit kan gebeuren door een botsing tussen twee kernen binnen de wolk.

Als een komeet op weg naar de zon een grotere planeet passeert, kan de komeet van zijn baan worden afgebogen. Dit gebeurd door de aantrekkingskracht van de planeet. De komeet komt dan in een relatief korte elliptische baan terecht. De komeet wordt nu een “kortperiodieke” komeet genoemd, die voor zijn omloop om de zon weinig jaren nodig heeft. De laatste tijd vermoedt men dat zulke kometen niet uit de Oortwolk afkomstig zijn maar uit de Kuipergordel vlak na de baan van Neptunus. Het beste voorbeeld van een kortperiodieke komeet is Halley. Hij kruist de baan van onze Aarde elke 76 jaar en is vooral beroemd als eerste komeet waarvan de terugkeer juist werd voorspeld. Halley verschijnt sinds 240 v.Chr. elke keer weer. Meer informatie over Halley vindt je verder op deze pagina. Kometen die langer nodig hebben dan 200 jaar om rond de zon te draaien worden “langperiodieke” kometen genoemd. De komeet met de kortste omlooptijd is komeet Encke, die namelijk 3 jaar en 4 maanden nodig heeft.