Menu

Alle stelsels draaien rond een zwart gat

07/05/2018 - Stelsels, Zwarte gaten

Niet alleen onze Melkweg heeft een zwart gat in het centrum. Alle sterrenstelsels draaien rond een zwart gat. Ook het Andromedastelsel heeft een zwart gat in haar centrum, een zwart gat van 140 miljoen zonmassa’s. Maar hoe kunnen zwarte gaten zo groot worden, en waarom bevinden ze zich in het centrum van een sterrenstelsel?

In het begin van het universum was het heelal gevuld met wolken van gas. Op sommige plaatsen waren die wolken zo dik dat er sterren gevormd worden. De meeste sterren van vroeger waren al superzware sterren en zijn dus snel opgebrand met een explosie als gevolg. Uit die explosies ontstaan zwarte gaten. Veel superzware sterren leveren veel superzware zwarte gaten. Die zwarte gaten trekken elkaar aan waardoor ze steeds groter worden. Over de laatste miljoenen jaren zijn veel zwarte gaten gegroeid. Door het groeien wordt ook de zwaartekracht sterker. Die trekt dan meer en meer gas aan. In dat gas vormen nieuwe sterren. Zo zijn de primitieve sterrenstelsels ontstaan. Maar de hoeveelheid gas blijft maar groeien. Het zwarte gat blijft gas opslokken en uiteindelijk is er geen plaats meer. Dit geeft als resultaat dat het gas ontsnapt in de vorm van een grote krachtige energiestraal die door het zwarte gat het heelal wordt ingeblazen. Die stralen hebben een zeer helder licht. Zo geeft het zwarte gat de vorm aan een Quasar, de helderste objecten in het universum.